V.l.n.r. Erik (Ronnie), Pieter (Tonnie), Heino (Sjonnie) & Paul (Donnie)
V.l.n.r. Erik (Ronnie), Pieter (Tonnie), Heino (Sjonnie) & Paul (Donnie)

De Gebroeders Rossig zijn weer klaar voor de carnaval

Algemeen

Onze gemeente heeft in diverse categorieën een hoop talent voortgebracht maar toch is het lijstje succesvolle muzikanten uit Wijchen niet bijster lang. Het zou dus zomaar weleens kunnen dat de beroemdste act met Wijchense roots niemand minder is dan de Gebroeders Rossig. De act uit Alverna kreeg in 2018 landelijk succes met hun versie van ‘Hallo Allemaal’ en inmiddels zijn meerdere singles van de groep online goed voor miljoenen streams. Naar eigen zeggen bestaat de groep uit  de vierling Donnie, Sjonnie, Tonnie en Ronnie maar overdag heten ze respectievelijk gewoon Paul, Heino, Pieter en Erik. Met het carnavalsweekend in het vooruitzicht ging de Wegwijs langs voor een interview. We treffen drie van de vier heren bij de Markies in Alverna, de horecagelegenheid van bandlid Paul Jeurissen.

Door Matthijs Loermans

Hallo allemaal, wat fijn dat jullie hier tijd voor wilden maken. Jullie zijn alles bij elkaar nu zo’n vijftien jaar bezig. Hoe is de groep ontstaan?
Erik: “Ik werkte destijds rond 2009 voor Paul hier in de Markies en hij kwam met het idee van de vier broers naar mij toe. Paul’s vorige muziekgroep, A-Vier, lag op dat moment een paar jaar stil.”
Paul: “We moesten ons een beetje proberen te onderscheiden van de rest. Er waren in die tijd veel carnavalsacts ook hier in de regio actief maar de meesten deden gewoon een glitterjasje aan en een plaksnor op en gingen dan op het podium staan. Om te zorgen dat wij het anders deden dan de rest hadden we bedacht dat we de enige zingende eeneiige vierling van het land moesten zijn en dat we een dakdekkersbedrijf hadden dat De Gouden Dakpan heette. Vraag me niet hoe ik erop kwam maar dat was het idee. Zo zijn we een beetje gaan bouwen en hebben we op een gegeven moment een nummer uitgebracht en aan het schlagerfestival in Wijchen meegedaan. Undercover, niemand wist wie we waren. Daar werden we tweede en uiteindelijk wonnen we de regionale kampioenschappen in Groesbeek.

Jullie brengen een aantal jaar steeds met de carnaval een singeltje uit maar dan is er in 2018 ineens megasucces. Hoe ging dat?
Paul: “We hadden eigenlijk net een single, ‘t Is Nooit Te Laat, inclusief videoclip uitgebracht toen ineens André van Duin bij De Wereld Draait Door zat om te vertellen over De Luizenmoeder. Hij had het erover dat je van het liedje uit de serie een grote carnavalskraker kon maken maar hij had er zelf geen zin in. Bij ons in de appgroep barstte het gelijk los. Als we een stunt willen uithalen moeten we nu gelijk in actie komen. Ik ben gelijk die avond nog met studio’s gaan bellen of we terecht konden. Eén studio in Helmond had net de deur op slot gedaan en wou weekend vieren. Ik stuurde hem de video en zei da’s goed maar wil je in ieder geval even dit filmpje kijken. Tien minuten later belde hij terug dat we gelijk welkom waren. Ik denk dat DWDD nog bezig was toen wij onderweg waren naar de studio. Toen hebben we Rob Janssen van 3FM (tevens Lamme Frans - red.) de primeur gegeven, die heeft hem dezelfde nacht nog gedraaid. Je kan op YouTube nog een fragmentje vinden daarvan.”

Hoe was dat voor jullie persoonlijk? Ik kan me voorstellen dat er dan ineens een hoop op je afkomt.
Heino: “Je hebt geen idee wat je moet verwachten.”
Paul: “De één had Mattie aan de telefoon en de ander had 538 aan de lijn. We zaten bij Edwin Evers, Boulevard, Humberto Tan.”
Erik: “Allemaal dezelfde week.”
Heino: “Echt een gekkenhuis. Dat was wel even schakelen.”
Erik: “Het was veel maar wel ook heel gaaf.”

Wordt het gelijk dan allemaal niet een stukje serieuzer ook?
Paul: “Ja, al zit dat hem meer in dat je dan ineens mensen hebt die je helpen met sociale media, de streams, je website.”
Erik: “De outfits, de clipjes.”
Heino: “Het werd allemaal steeds professioneler.”

Met Alie Exprezz pakken jullie ook meteen sterk door.
Paul: “Ja dat was wel gelijk een voltreffer daarna. Die doet het eigenlijk ook beter dan Hallo Allemaal nu.”
Erik: “Dat was toch meer een hype.”

Jullie schrijven zelf mee aan de liedjes. Hoe gaan jullie te werk in de studio?
Erik: “Het begint meestal met een eigen idee, daarmee gaan we dan naar een componist.”
Heino: “Maar we hebben ook weleens op de piano in de zaal hier dingen uitgewerkt. Soms ben je eeuwig bezig en een andere keer rolt het er zo in één keer uit.”
Paul: “We appen elkaar met ideeën. Iemand stuurt bijvoorbeeld een keer een kreet of een melodietje waar we iets mee moeten en dan vult de rest aan.”

Dan even over jullie tourschema de komende periode. Ik tel in jullie agenda al gauw 16 shows in 5 dagen. Soms wel twee of drie op één dag. Hoe houden jullie dat vol?
Paul: “We drinken die hele periode geen druppel alcohol. ‘s Woensdags met het haringhappen bij de Markies drinken we pas een biertje erbij.”
Heino: “Anders is dat ook niet te doen met je stem en je lijf. Dat hou je niet vol. Wat je vooral niet moet doen is lang blijven hangen als je ergens hebt opgetreden.”
Erik: “We hebben een chauffeur dus we zouden best een biertje kunnen drinken maar je wil ook gewoon goed voor jezelf zorgen. Dat betekent ook goed en gezond eten.”
Paul: “Je levert ook gewoon een dienst naar de uitbater die ons inhuurt om te komen spelen.”
Heino: “Het eerste optreden met de carnaval moet net zo goed zijn als de laatste.”
Paul: “We willen gewoon die tent op zijn kop zetten!”