
Maaswaal College heeft duidelijk plan voor ‘lerarenlek’
AlgemeenEen kwart van de startende docenten in het voortgezet onderwijs stopt binnen vijf jaar. Ze stromen weer terug naar hun oude baan of vallen uit. Wat merkt het Maaswaal College hiervan? En wat doen zij om hen te behouden?
Door Lars Regeer
Ondanks een lichte groei van het aantal pabo-studenten en zij-instromers nam het lerarentekort dit jaar toch toe. Een belangrijke oorzaak is de hoge uitstroom onder startende docenten in het voortgezet onderwijs. Ongeveer twintig procent van de startende docenten (waaronder ook zij-instromers) stopt binnen vijf jaar. Onder startende docenten in het voortgezet onderwijs onder de dertig jaar is dit zelfs nog een stukje hoger. Een kwart van hen geeft er binnen vijf jaar de brui aan, zo blijkt uit onderzoek van het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap (OCW). Redenen van docenten om te stoppen lopen uiteen van slechte begeleiding tot aan een niet goed functionerend team. Ook praktische zaken zoals salaris of gebrek aan doorgroeimogelijkheden spelen mee. De uitstroom heeft inmiddels al een begrip gekregen in onderwijsland. De Algemene Onderwijs Bond betitelde de forse uitstroom eerder als ‘het lerarenlek’.
Hoe zit het in Wijchen?
Het Maaswaal College geeft aan dat zij geen cijfers hebben van startende docenten onder de dertig die binnen vijf jaar zijn gestopt. “Vanwege tijdelijke subsidies hebben we de afgelopen jaren veel tijdelijke contracten gehad bij vooral jonge docenten. Deze verlaten dan het Maaswaal College maar het is voor ons niet duidelijk of ze dan hun loopbaan binnen of buiten het onderwijs vervolgen”, aldus rector Henk Keijman.
De school zegt geen vroegtijdige vertrekken te ervaren van startende docenten door werkdruk, hoge spanning of tegenvallende begeleiding, aldus Femke van Kuijk, voorlichtingsmedewerker bij het Maaswaal College. “Docenten die zijn gestopt hebben bijvoorbeeld geen vast contract of hebben een tijdelijk contract, gaan binnen het bestuur naar een andere school of bij ons naar de andere locatie. Dat zijn veel meer voorkomende redenen. We zien bijvoorbeeld dat jonge docenten die een gezin starten op een school dichter bij huis gaan werken.”
Begeleiding
Het Maaswaal College onderneemt meerdere acties om beginnende docenten en zij-instromers te behouden. Van Kuijk: ‘Het Maaswaal College biedt uitgebreide begeleiding en extra vrije uren voor medewerkers om de werkdruk te verminderen of meer te verdelen. Beginnende docenten worden binnen hun sectie opgevangen en meegenomen door ervaren collega’s, een betrokken afdelingsleider is er voor vragen en begeleiding en vanuit het bestuur van de @voCampus (de samenwerkende stichting van veertien scholen in de regio) werken we met cursussen en extra begeleiders die docenten hulp bieden indien nodig.’
Sparren in de personeelskamer
Een van de docenten die de afgelopen vijf jaar het onderwijs juist trouw bleef, is Kirsten Kingma (27), docent Informatica bij het Maaswaal College. Mede door begeleiding van een coach en betrokken collega’s ervaart ze veel steun als startend docent. “Bij het Maaswaal kan ik - naast dat ik terecht kan bij mijn afdelingshoofd - ook sparren met een onafhankelijke coach. Dat is erg fijn. Ik kan daar alles kwijt omdat diegene niet in een oordelende positie zit. Daarnaast ben ik echt blij met mijn collega’s. In de personeelskamer kan ik mijn hart luchten en word ik van alle kanten geholpen. Soms krijg ik zelfs ongevraagd advies, maar dat kan ik wel waarderen. Het voorkomt dat ik fouten maak die zij al gemaakt hebben. Wat dat betreft was de coronaperiode ook een pittige periode. Door het thuisonderwijs kon ik niet meer om feedback vragen in de personeelskamer.”
Kingma kan voorstellen dat het voor sommige startende docenten allemaal teveel is, dat ervoer ze in het begin namelijk ook. “Ik ben van mezelf erg enthousiast dus de taken groeiden mij al snel boven mijn hoofd. Normaal gesproken loop je eerst ‘snuffelstage’ en groei je geleidelijk in het vak. Ik stond daarentegen op mijn 22e al voor de klas met alle verantwoordelijkheden die daarbij horen. Je begint op nul en maakt voor het eerst lessen, hebt contact met kritische ouders en moet autoriteit voeren over een groep leerlingen waarmee je maar een paar jaar verschilt. Daar had ik in het begin weleens slapeloze nachten van. Bijvoorbeeld dat je een leerling uit de klas stuurt en hij of zij niet luistert. Ja, wat doe je dan? Gelukkig kan ik terugvallen op collega’s en begeleiders. Anders weet ik niet of ik het vak van leraar wel trouw was gebleven.”
Ook voor de komende jaren voorspelt het ministerie van OCW dat het lerarentekort scholen parten blijft spelen. Al is de vraag in welke mate omdat het aantal leerlingen eveneens daalt. Het Maaswaal College weet vooralsnog de formatie steeds op orde te krijgen. Geheel gerust is Van Kuijk echter niet. “Het lerarentekort is een landelijk probleem, dus ook bij ons. De vijver is niet groot!”







