
Hoe is het nu met... de Marco Borsato-imitator uit Wijchen?
Human interestJos Cové uit Wijchen staat al jaren bekend als dé Marco Borsato-imitator. Toen Borsato echter voor de rechter kwam en Nederland hem publiekelijk ‘cancelde’, werd ook Jos in de ban gedaan. Het artiestenleven zette hij in de ijskast en hij ging werken bij een verzekeringskantoor. Nu de rust is teruggekeerd, stromen de aanvragen weer binnen. Hoe kijkt hij terug op die periode?
Door Lars Regeer
“Goed,” zegt Cové zonder aarzelen. “Al die tijd ging het eigenlijk prima met mij. Tijdens de commotie was ik eerder in een programma geweest. Toen kopte men: ‘Borsato-imitator in zak en as’. Dat was nooit zo. Het gaat goed met me.”
Ook op zanggebied zit het weer goed. Nog geen vijf minuten na de vrijspraak van Borsato kwamen de eerste boekingen binnen. “Na vijf minuten was de eerste boeking bevestigd. Ze hadden al een optie gezet, en toen werd het direct omgezet. Ik was zó blij. De afgelopen jaren trad ik nauwelijks op. Ik viel niet echt in een gat, maar ik miste het optreden wel.”
Hoewel hij bekend is als imitator, is Jos van nature ook zanger en componist. “Ik schrijf ook eigen liedjes. Mijn grootste hit is ‘Maak me gek’ van Gerard Joling. Ik zing al mijn hele leven, vanaf mijn tweede stond ik op tafel om voor iedereen te zingen die wilde luisteren. Het duurde even voordat ik er iets mee deed. Mijn doorbraak kwam in een karaokebar op het Rembrandtplein. Het begon met een paar nummers en groeide uit tot een twee uur durende show! Het publiek was enthousiast en ik dacht: hier moet ik meer mee doen. Kort daarna deed ik mee aan een talentenjacht in Brabant en won de finale. Toen besloot ik echt professioneel te gaan optreden.”
Zijn carrière nam pas echt een vlucht toen hij het repertoire van Borsato ging zingen. Iets wat aanvankelijk helemaal niet de bedoeling was. “Begin jaren 2000 trad ik al veel op en werd ik vaak vergeleken met Borsato. Ik wilde dat eerst niet, ik was bezig met mijn eigen nummers. Maar mensen onthielden vooral de Borsato-liedjes die ik zong, ook als ik er maar één of twee zong. Toen ik in 2004 een Frans Bauer-lookalike tegenkwam, die veel optredens kreeg, zei hij: waarom doe je ook niet Borsato? Dat was het moment waarop ik besloot mee te liften. Toen Rood uitkwam, barstte het helemaal los. Ik heb in Oman, Kuala Lumpur, Portugal, Spanje, Frankrijk en Duitsland opgetreden.”
“Vorig jaar trad ik op bij de Kamping Kitsch Club in België. Een festival met 28.000 bezoekers, voor mijn neus stonden er 5.000. K3 had net twee uur voor mij opgetreden. Het was het eerste optreden voor zo’n groot publiek en het voelde geweldig. Mensen omarmden het repertoire dat ze misten.”
Een ander memorabel optreden was een bruiloft in België: Jos werd speciaal geboekt omdat het paar elkaar had leren kennen op een nummer van Borsato. “Het feest was fantastisch. In de auto terug zei mijn geluidsman: ‘Jos, weet je dat je hier gewoon geld mee verdient?”
Tekst gaat verder onder de foto.
![]()
Het nieuws over de beschuldigingen tegen Borsato kwam hard binnen. “Ik wist niet wat ik ervan moest denken. Ik kan me niet voorstellen dat hij dat doet. Het voelde vreemd dat hij meteen door bijna heel Nederland werd veroordeeld. Natuurlijk begrijp ik dat mensen die slachtoffer zijn geworden van misbruik moeite kunnen hebben met de vrijspraak, maar iemand zomaar veroordelen, dat kan gewoon niet.”
Ook zijn eigen carrière kreeg een deuk: boekingen werden afgeblazen en hij moest opnieuw een baan zoeken. “Ik liep net de trein uit voor een sollicitatiegesprek toen mijn boekingskantoor belde: een boeking die zeker leek werd toch geannuleerd. Ik had het gevoel dat ik wel kon janken. Daarna ben ik drieënhalve dag per week gaan werken bij een verzekeringskantoor. Een heel ander leven, achter de telefoon, systemen leren kennen. Ik heb nachten wakker gelegen of ik na twintig jaar dat weer onder de knie kon krijgen. Maar uiteindelijk voelde het niet alsof mijn leven was afgepakt. Ik ben niet iemand die lang in de put blijft zitten.”
Over de afhankelijkheid van Borsato’s repertoire zegt hij: “Ik heb daar nooit echt moeite mee gehad. Zelf kan ik aardig zingen, maar ik weet ook wel dat ik niet de tweede Bocelli ben. Het publiek komt voor het repertoire van een bekende zanger en ik kan daar iets mee. Het gaat ook om presenteren, de interactie met publiek. Dat is mijn kracht.”
De crisisperiode leerde hem bovendien een belangrijke les over muziek en succes: goede liedjes verdwijnen niet. “Was hij veroordeeld, dan had ik waarschijnlijk geen optredens meer gehad, maar de nummers verdwijnen niet. Borsato heeft zoveel goede liedjes. Hij heeft meer nummer-één-hits gehad dan de Beatles.”
Ook al droomt Jos soms nog van een eigen doorbraak, hij blijft realistisch. “Het liefst was ik met mijn eigen naam doorgebroken. Ik heb ooit een cd opgenomen, vlak na Maak me gek, maar dat is hem nooit geworden. Er ligt nog muziek op de plank. Wie weet wat daar ooit van komt. Ik ga me er niet meer druk om maken in ieder geval. Vaak werd ik geboekt als tweede keus, omdat Marco zelf niet kon. Dat vond ik nooit erg. Tweede keus na Borsato? Dat is helemaal zo gek nog niet.”